loglynx meestens juridisch weblog over de media- en informatiemaatschappij en overige opborrelende oprispingen
Tuesday, March 22, 2005
Polderuitspraak gebrekkig maar gepast
Ayaan Hirsi Ali is in het gelijk gesteld in de rechtszaak die enkele moslims hadden aangespannen vanwege de in hun ogen kwetsende uitlatingen van de politica. Op het eerste gezicht lijkt het een prachtige polderuitspraak. Hirsi Ali mocht haar uitspraken over de islam doen en wordt niet verboden een vervolg op Submission te maken. Maar tegelijkertijd waarschuwt de rechter dat Hirsi Ali met het gebruik van de woorden "pedofiel" en "pervers" in verband met het verhaal van het huwelijk tussen de profeet Mohammed en het negenjarige meisje Aisha de grenzen van het toelaatbare heeft opgezocht. Als zij deze woorden vaker zal gebruiken, is het volgens de rechter nog maar de vraag of binnen deze grenzen wordt gebleven.
Ten grondslag aan deze tik op de vingers van het VVD-kamerlid ligt de volgende overweging: "De term "pedofiel" is ongelukkig gekozen nu dit minst genomen een patroon vereist, terwijl het in het verhaal gaat om een eenmalige gebeurtenis. Bovendien wordt door gebruik van dit woord met zijn huidige connotatie een situatie van eeuwen geleden beoordeeld." Deze redenering komt mij nogal gebrekkig over omdat Hirsi Ali zelf al expliciet heeft aangegeven dat zij de profeet naar Westerse maatstaven heeft beoordeeld. Zij brengt deze nuance dus al op voorhand aan. Daarbij vraag ik me af of de rechter er verstandig aan doet pedofielologische deskundigheid te etaleren over een "patroon" dat vereist zou zijn. Als iemand zich één keer aan een minderjarig meisje vergrijpt, dan ligt de benaming "pedofiel" voor de hand. Daarmee zeg ik overigens niet dat er niets kan worden aangemerkt op het gebruik van dit predikaat voor de profeet Mohammed. Maar steekhoudender zou een rechterlijke redenering zijn die dieper ingaat op de zeer negatieve lading van het begrip en daarom tot een grotere terughoudendheid bij historische vergelijkingen zou moeten leiden. Of een uiteenzetting dat het misbruik dat pedofilie impliceert heel wat anders is dan een sprookjeshuwelijk in de woestijn.
Nog discutabeler dan deze gebrekkige beoordeling is de juridische meetlat waarlangs de rechter vervolgens eventueel toekomstig herhaald gebruik van de krachttermen legt: "Hoewel gedaagde heeft aangevoerd dat het gebruik van deze termen precies illustreert dat de Koran géén praktische handleiding is voor het dagelijkse leven, wordt geoordeeld dat zij deze zienswijze ook op andere (doeltreffender) wijze en met betere bewoordingen kan illustreren." Het wordt wel een erg zware last op de vrijheid van meningsuiting als telkens achteraf kan worden bekenen of het toch niet wat anders en subtieler gezegd had kunnen worden. Deze opvatting lijkt mij ook nogal op gespannen voet te staan met de algemeen aanvaarde opvatting dat de vrijheid van meningsuiting er ook is voor opvattingen die 'shock, offend and disturb'. Daarbij komt nog dat volgens het Europees Hof voor de Rechten van de Mens een mening die beoogt bij te dragen aan het publieke debat extra bescherming verdient. Hirsi Ali moet binnen die kaders dus ook kunnen handelen naar haar overtuiging dat de modernisering van de islam niet door nuance gerealiseerd zal worden. Ik denk dan ook dat de advocaat van de moslims, Robbert Moskowicz (het zwarte schaap van de familie), niet veel kans zal maken in het hoger beroep dat hij schijnbaar gaat aantekenen. Het Gerechtshof zal vast het oordeel op dit vlak wat verbeteren en zou wat mij betreft daarmee de tik op de vingers moeten afzwakken.
Alle kritiek ten spijt, overweegt bij mij toch een positief gevoel over de uitspraak. Sowieso al omdat de gang naar de rechter de wijze is waarop hoogoplopende geschillen op een rechtstatelijke wijze worden beslecht. Maar inhoudelijk komt het vonnis, of in elk geval de gedachte daarachter, mij toch wel verstandig voor. De moslims krijgen weliswaar ongelijk, maar tevens wordt expliciet aangegeven dat Hirsi Ali wel degelijk bepaalde grenzen in acht moet nemen bij haar bejegening van moslims. Het siert de rechter eigenlijk wel dat hij daarbij geen Westerse verlichtingsveeg uit de pan geeft, maar voorzichtig opmerkt dat de meningsuiting ook ruimte biedt aan meningen die "hinderlijk" zijn voor bepaalde groepen in de samenleving. Zolang het wat fermere principe niet verlaten wordt, kan het geen kwaad dat deze overwinning van vrije woord tevens doet realiseren dat het kiezen van kwalificaties in het maatschappelijk debat niet zonder verantwoordelijkheid is.
posted by mark | 8:21 AM
Monday, February 07, 2005
Symboolpolitiek
Europese parlementsleden uit Litouwen, Estland, Tsjechie, Hongarije en Slowakije pleiten voor een verbod op communistische symbolen zoals de hamer en sikkel. Niet toevallig bespreken de EU-leden deze maand de mogelijkheid om Nazi symbolen te verbieden. Net als het hakenkruis verwijzen de hamer en sikkel naar een wreed regime, zo luidt de gedachtengang achter het voorstel. Uit de ophef over de Engelse prins Harry die een Nazi uniform naar een feestje had aangedaan, onstond eerder het voorstel om Nazi symbolen te verbieden. Duitse europarlementariers opperden dat het in Duitsland al bestaande verbod voor heel Europa zou moeten gelden.
Het is begrijpelijk dat de voormalige oostblokkers een gelijke behandeling voor de zwarte bladzijden uit hun geschiedenis opeisen, maar hun wens versterkt de twijfel of er uberhaupt een verbod op bepaalde symbolen ingesteld moet worden. Namens welke symbolen zal er in de toekomst naar een verbod worden gesolliciteerd? Ik huiver bij de gedachte aan de ongepaste wedstrijden leedvergelijking waarmee de overheid zich zal moeten inlaten bij de beoordeling van symbolen met een dubieuze lading. Bovendien laat het starre instrument van een verbod op bepaalde symbolen amper ruimte om per geval afwegingen te maken. Ook zijn de nodige vraagtekens te plaatsen bij de handhaafbaarheid van zo'n verbod. Niet toevallig was een van de eerste zaken waarin de beperking van het nationale recht op internet zich in volle glorie openbaarde een zaak over Nazi memorabilia. De Franse rechter had Yahoo opgedragen om een veilingsite met SS zwaarden, hakenkruizen, propagandafilms, foto's van slachtoffers uit een concentratiekamp en replica's van Zyklon B houders.voor Franse bezoekers ontoegankelijk te maken. Maar de Amerikaanse rechtbank ging hier lijnrecht tegenin en beoordeelde de Franse uitspraak als een ontoelaatbare inperking op het 'first amendment' (Franse organisaties hebben tegen het Amerikaanse vonnis hoger beroep ingesteld).
Ik besef dat een verbodsbepaling in uitzonderingen kan voorzien, bijvoorbeeld voor gebruik in films, theater en historische exposities (vgl. de Franse Yahoo-bepaling). Maar iedere formulering zal stuiten op bijzondere omstandigheden die de effectiviteit van het verbod zullen ondermijnen. Zo moest de Franse rechter de veilingsite aanmerken als 'tentoonstellen' van Nazi produkten om tot strafbaarheid te kunnen concluderen. En ook het gebrek aan handhaafbaarheid noopt tot een terughoudende opstelling. Of wordt er straks een fulltime onderdonner aangesteld die elke dag het hele internet uitleest om het niet in populariteit te stuiten fotofucken te controleren op hakenkruizen? Maar daarvoor speelt eigenlijk al het principiele bezwaar dat de staat niet op elke maatschappelijke verontwaardiging moet antwoorden met vergaande verboden die raken aan essentiele vrijheden (zijn er sowieso niet al voldoende haatzaai- en ordeverstoringsbepalingen?). Iedereen zal het er over eens zijn dat een prinsgemaal met een Nazi-shirt niet van goede smaak getuigt, maar wat aandacht aan historisch bewustzijn (en koninklijke tucht voor Harry) is minder betuttelend en effectiever dan gemakzuchtige symboolpolitiek.
[Mocht het tot een verbod komen, laat dan iemand Southpark bellen om Cartman te waarschuwen dat hij met zijn verleden [mpg/kneiter!] op de bank blijft zitten in zijn benijdenswaardig vrije land en Europa voorlopig beter kan mijden.]
"(..) Toen minister Donner op de golven van deze stroming een in onbruik geraakt verbod op godslastering wilde opkalefateren, leek er nog sprake te zijn van een incident. Maar met de brief van alle fractievoorzitters waarin zij verzoeken om de doodswens van internetimam Abdul Jabbar van de Ven strafbaar te stellen en nu, als voorlopig hoogtepunt, het plan van PvdA-kamerlid Van Heemst om haatzaaiende sites door vadertje staat te laten hacken, heeft de wens naar meer censuur duidelijk politieke grond gevonden. (..)"
posted by mark | 9:15 PM
Sunday, November 28, 2004
Uitgelekt
INTERN MEMO - VERTROUWELIJK
Ministerie van Jusitie
Aan: Piet Hein
Van: Jan Huysteeg
d.d.: 25 11 2004
Onderwerp: Mogelijke strafbaarheid uitspraken Van de Ven
Beste Piet Hein,
Op jouw verzoek zend ik je hierbij mijn eerste verkenningen naar de mogelijke strafbaarheid van de doodswens aan het adres van Wilders door de internetimam Abdul-Jabbar van de Ven afgelopen dinsdag. Helaas biedt het strafrecht weinig mogelijkheden om met succes vervolging in te stellen. Aanknoping bij art.137d Wetboek van Strafrecht, het aanzetten tot haat of oproepen tot geweld wegens iemands levensovertuiging, lijkt alleen al niet mogelijk omdat onlangs nog door het OM is geoordeeld dat iemands politieke overtuiging niet onder het begrip 'levensovertuiging' kan worden geschaard (dit was in de haatzaaiaanklacht van Spong en Hammerstein namens wijlen dhr. Fortuyn). Daarnaast zou de imam nog kunnen aanvoeren dat hij uitdrukkelijk geweld heeft afgekeurd en hem voorts woorden in de mond zijn gelegd door de interviewer. Vooralsnog biedt art.266, de eenvoudige belediging, m.i. de meeste aanknopingspunten. Welbeschouwd is er weinig beledigender dan het oordeel dat iemand het leven niet waard is.
Uiteraard bestaat het risico dat een vervolging niet tot een veroordeling zou leiden. Vroeger zou zoiets nog wel eens kunnen zijn opgevat als een teken van de onpartijdigheid van het recht en de rechtsstaat of als een risico dat inherent is aan het behoud van bepaalde vrijheden, maar momenteel lijkt iets dergelijks niet meer uit te leggen. Je zou er dus ook voor kunnen kiezen om een nieuw artikel in het leven te roepen. Een doodswens-artikel kan als volgt luiden: Hij die een ander in het openbaar, mondeling of bij geschrift of afbeelding, dood wenst wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of een geldboete van de derde categorie. Strafverzwarend kan werken als iemand de ander per direct dood wenst. Strafvermindering kan plaatshebben als iemand pas over 3 jaar of later wordt doodgewenst. De mate van pijnlijkheid van de toegewenste dood weegt ook mee en aldus kunnen keelkanker, verbranding op een stapel banden en doorboren van het hart met een plantsoendienstprikker een extra maand in de nor opleveren. Uitgezonderd van deze bepaling zou kunnen worden het toewensen van een snelle, pijnloze dood aan een terminale patiënt, maar wellicht wil je de uitkomst van het eerstvolgende euthanasiedebat afwachten voordat je zo'n uitzondering opneemt.
Op persoonlijke titel vroeg je mij nog aandacht te besteden aan de religieuze aspecten. Het is inderdaad lastig om uit deze discussie het maximale resultaat te halen voor jouw directe achterban. Momenteel is het zo dat de vrijheid van godsdienst aan gelovigen vergeleken met heidense leeghoofden meer ruimte biedt om te beledigen als zij een beroep kunnen doen op een heilig schrift of een interpretatie daarvan (vgl. de vrijspraken voor kamerlid Leen van Dijke en imam El Moumni). Aan de andere, ontvangende kant zorgen artikel 137c WvSr en het artikel van de smalende godslastering (art. 147) ervoor dat uitingen jegens gelovigen ook sneller strafbaar zijn. De situatie dat gelovigen dus zowel meer beledigingen kunnen uiten als meer bescherming genieten voor inkomende beledigingen is lastig uit te leggen. Voor wat betreft de smalende godslastering speelt naast dit principiële bezwaar tevens dat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens zelfstandig een toets lijkt aan te leggen voor beperkingen op de uitingsvrijheid en voorzichtig durf ik op te merken dat een veroordeling voor smalende godslastering niet snel als 'noodzakelijk in een democratische samenleving' zal worden bestempeld, zeker niet waar met de lastering wordt beoogd een bijdrage te leveren aan het maatschappelijk debat. Nederland zou internationaal een behoorlijk pleefiguur slaan als de Europese rechter de godslasteringsbepaling op die manier zou uitschakelen.
Al met al raad ik je aan de godsdienstvrijheid voor wat betreft de meningsuiting, geheel te laten opgaan in het regime van artikel 7 Grondwet. Dan kan bijvoorbeeld een leraar met (goddelijk) gezag ook extra verantwoordelijkheid dragen voor het effect van zijn uitlatingen, terwijl de hoedanigheid van een columnist meer ruimte kan geven om de gevestigde orde te tarten. Dat in een belangrijk boek kwetsende dingen ten aanzien van vrouwen en homo's staan, kan de rechter nog steeds in zijn overwegingen betrekken, maar een beroep op een apart grondrecht van godsdienstvrijheid is daarvoor ietwat overdreven.
Betekent dat dan dat er geen electoraal slaatje uit valt te slaan?, zie ik jou al sip kijkend vragen. Ik zie je trouwens altijd sip kijken, nu ik het zeg. Maar ik kan je verblijden, want er presenteert zich namelijk de perfecte mogelijkheid waardoor jij je onsterfelijk kan maken. De brief die alle fractievoorzitters jou gisteren stuurden, laat zich met meehuilen niet overstemmen. Daarom kies jij een hele andere benadering, ben ik zo vrij om in dit memo voor te stellen. Jij zal als staatsman het verontwaardigde volk en hun vertegenwoordigers tot kalmte manen. Jij zal vertellen dat je ook geschokt bent door de uitspraken, maar dat je malle pietje niet bent en dat iedereen heus wel weet dat velen wel eens slechte dingen over anderen hebben gezegd. Jij zal de mensen toespreken dat de regering de extremisten gaat aanpakken, maar dat het daarvoor van belang is dat de mensen het overzicht bewaren. Dat het niet helpt als een heel volk alle uitlatingen van moslims maximaal gaat uitvergroten, en tegelijkertijd autochtonen zich wel ongebreideld en ongenuanceerd van de vrije meningsuiting mogen bedienen. Daarbij merk je op dat verbieden van alle schokkende uitingen een heilloze weg is. Je zult in dit verband spreken van de toegenomen mondigheid, de peilloze mogelijkheden op internet en je zult theoretiseren dat wij wellicht in een overgangsfase zitten. Een overgangsfase waarin de mogelijkheid van iedere burger om zijn stem te laten horen onontkoombaar vergezeld gaat van het aftasten van grenzen. Maar nogmaals, zal jij stellen, het wapen van het spreekverbod behoort tot de standaarduitrusting van de gedachtenpolitie.
Vervolgens schraap jij je keel en neemt ons mee in een visionaire uiteenzetting over een globaliserende wereld, bevolkingsgroepen die over de aarde trekken en de problemen die dit wereldwijd oplevert. En dan zal jij voorzichtig opperen dat omdat onze volksvertegenwoordigers in de war zijn, dit nog niet betekent dat het volk de kluts kwijt is. In het dichtbevolkte Nederland is het juist logisch dat de clash van culturen als eerste zo aan de oppervlakte komt. Je zult een compliment uitdelen voor het debat dat zich in alle lagen van de samenleving voltrekt met relatief weinig uitwassen en erop wijzen dat de hele wereld belangstellend kijkt hoe wij hiermee omgaan. Nederland zal zich weer even gidsland wanen. En dan zal jij, Piet Hein Donner, de ultieme verleiding weerstaan. Op het moment dat iedereen aan je voorheen zo zuinige lippen hangt en meer van je wil weten, pak jij je fiets. Voordat je opstapt, knik je begrijpend in de draaiende camera's om de aanschouwers te vertellen dat je hun verlangen begrijpt, dat je hun zucht naar zingeving herkent, maar dat men juist dat niet van de politiek kan vragen, edoch bij zichzelf en zijn medemens zal moeten vinden. En dan fiets je weg. Met wind tegen.
posted by mark | 1:15 PM
Saturday, November 06, 2004
Dag Theo
"(..) nu een Marokkaanse jongeman met een baard en traditionele soepjurk een einde heeft gemaakt aan zijn leven, lijkt de verontwaardigde razernij van de achtergeblevenen ook niet meer te houden. De kloof tussen de praktisch schaamteloze nar van het vrije woord en een exponent van een ontheemde cultuur die onder alle omstandigheden krampachtig eer en respect eist, is Theo van Gogh noodlottig geworden. (..)"
"(..) Webloggers opereren veelal anoniem, zijn het bloeddorstigst in groepen en laten zich niet ter verantwoording roepen, zo luidde de schijnbaar uit een natuurdocumentaire weggelopen analyse over weblogroedels in hun natuurlijke http-habitat. (..)"
Zit u in een relatie die u minder leuk maakt dan u eigenlijk bent? Hoopt u na de zoveelste hevige ruzie telkens tevergeefs op te krabbelen uit het dal ? En is het enige dat de uitweg blokkeert uw partner? Lacuna Inc. kan u helpen uw destructieve liefde te vergeten. In de film Eternal Sunshine of the Spotless Mind neemt Clementine (Kate Winslet) de beslissing al haar herinneringen aan Joel (Jim Carrey) uit te wissen. Joel doet uit wraak hetzelfde. Het kost een paar hersencellen, maar niet veel meer dan verloren gaan bij een avond doorzakken, zo wordt hem verzekerd. Gaandeweg komt Joel er achter dat hij toch graag vasthoudt aan bepaalde herinneringen, maar het proces is dan al in volle gang.
Je kunt het aan scenarioschrijver Charlie Kaufman toevertrouwen om dit gegeven magistraal uit te werken. Eerder nodigde hij de filmkijker al uit om via een kleine ingang ergens op de 7 1/2e verdieping van een bedrijfsgebouw het hoofd van John Malkovich te betreden (Being John Malkovich). En in Adaptation voerde hij in de hoedanigheid van Nicolas Cage een scenarioschrijver op die bezig was een scenario te schrijven voor, naar uiteindelijk blijkt, de film die de kijker op dat moment voorgeschoteld krijgt. Bij Kaufman zijn dergelijke vondsten geen oppervlakkige Hollywoodtruukjes a la kijken wat er gebeurt als een man in een vrouwenlichaam terechtkomt of een opa overgaat in zijn kleinzoon of een klein jongetje komt te huizen in een "mannenlichaam". Genoemde films van Kaufman ontvouwen een puzzel die bestaat uit verschillende stukjes met inzichten en overpeinzingen. Voor sommigen kan het 'te bedacht' of 'te gekunsteld' overkomen, maar voor velen zal het hoogstaand vermaak zijn.
Na het wissen van de herinneringen komen Joel en Clementine elkaar tegen in de trein. Was hun liefde voorbestemd en zal deze dus opnieuw ontluiken, of is met de herinneringen ook de kans op een gelukkig samenzijn vervlogen? Winslet is magistraal als de cynische en hedonistische Clementine met licht alcoholistische neigingen. "Drink up, young man. It'll make the whole seduction part less repugnant", voegt ze een schuchtere Joel toe nadat ze hem naar haar kamer heeft meegetroond. Carrey bewijst (nogmaals) dat hij een uitstekend acteur is met een timide vertolking van Joel die niet veel zegt omdat hij vindt dat hij gewoonweg niks interessants meemaakt. Samen zoeken ze een weg om maar niet te eindigen als de 'dining dead', stelletjes in restaurants die zwijgend naar hun eten staren. Van Kaufman mag ik u verklappen dat die weg aan het einde van de film weer hoopvol begaanbaar lijkt, omdat zo'n einde er zo dik bovenop ligt. Maar in het algemeen geeft hij niet graag interviews over hoe hij het allemaal bedoeld heeft. Ik zal daarom niet nog meer recenzeuren over de film, behalve dan de constatering dat ik hem ruim twee weken geleden zag en Eternal Sunshine zich in mijn herinnering inmiddels behagelijk op de plek van de beste film van 2004 heeft genesteld.
Eternal Sunshine werd geregisseerd door Michel Gondry die eerder met Kaufman werkte aan het (ook zeer aan te raden) Human Nature. Gondry werkte als videoclipregisseur voor o.a. Bjork, Daft Punk en Beck (die de titelsong 'Everbody's Gotta Learn Sometime' vertolkt).
De titel is ontleend aan een gedicht van Alexander Pope (1688-1744)
How happy is the blameless Vestal's lot!
The world forgotten and by the world forgot
Eternal sunshine of the spotless mind
Each prayer accepted and each wish resign'd
Een ziekenhuismedewerker kijkt met open mond naar de televisie hoe een vliegtuig zich in de WTC-toren boort. Op de beeldbuis duidt een jonge Franse deskundige de aanslag op de Amerikaanse torens met zijn 3000 doden als historisch gezien van geringe betekenis. Tijdens de slag bij Gettysburg vielen bijvoorbeeld meer dan 50.000 slachtoffers. Maar een groot verschil met recente Amerikaanse oorlogen, zoals Vietnam, Korea en de golfoorlog, is dat de Amerikanen er tot dusver in geslaagd waren de barbaren buiten de grenzen te houden. En daarom, zo concludeert de televisiedeskundige, kan september 2001 wellicht gezien worden als het begin van de grote invasies van de barbaren.
Vorige week verscheen de (Franstalig) Canadese film Les Invasions Barbares (2003) in de (meeste) videotheken. De film is van dezelfde maker en wordt door dezelfde personages bevolkt als Le Déclin De l'Empire Américain uit 1986 (maar kan daar los van gezien worden). Hoofdpersoon is de terminaal zieke hoogleraar geschiedenis Rémy. Nog een keer verzamelen zijn intellectuele vrienden van vroeger zich rond het ziekbed om afscheid te nemen. De erudiete grapjes en de verwijzingen naar het voorbije losbandige liefdesleven vliegen over en weer. Grinnikend worden alle -ismes opgesomd die de babyboomers hebben aangehangen (het separatisme, l'indépendantisme, le souverainisme-associationnisme, het existentialisme, het anti-kolonialisme, het marxisme, later aangevuld met leninisme, het trotskisme, het maoïsme, het structuralisme, het situationisme, het feminisme, het deconstructionisme). Rèmy voegt lachend aan de opsomming toe "en het idiotisme".
Wie hoopt op verdere bespiegelingen over de vervlogen hoop van de babyboomers komt bedrogen uit. Evenmin wordt lang stilgestaan bij de hopeloosheid van de ideologieen die elkaar in partnerruiltempo opvolgden. Het belangrijkste deel van de film gaat over de relatie tussen Rémy en zijn zoon Sébastien. Ondanks de verwijten aan papalief dat hij er vroeger nooit was, zorgt de razend rijke zoon ervoor dat het zijn vader in zijn laatste levensdagen aan niets ontbreekt. De ziekenhuisdirectrice en vakbondslieden worden omgekocht om een aparte kamer te regelen en om de pijn te stillen wordt dagelijks heroïne toegediend. De socialistische Rémy benadert de inspanningen van zijn kapitalistische Sébastien eerst nogal cynisch, maar laat de luxe zijn hedonistische aard maximaal welgevallen.
De wijze waarop regisseur Denys Arcand het toenaderingsproces tussen vader en zoon lijkt te willen schetsen als een uitruil tussen serieuze pragmatiek en dromerige bevlogenheid is wat mij betreft te veel eer voor de babyboomgeneratie. Sébastien wordt gaandeweg minder zakelijk en zijn vrouw, die zich eerder nog afzette tegen 'de liefde' als een schlagerachtige basis voor een relatie, fluistert hem uiteindelijk een voorzichtig gepassioneerd "Je t'aime" in de oren. Interessanter was het geweest als er meer spanning tussen de generaties voelbaar geweest zou zijn, bijvoorbeeld zoals dit zich laatst tussen Bram Peper en Thomas von der Dunk in de Volkskrant openbaarde. Peper had een pagina lang gemord dat er geen respect was voor de wijsheid van ouderen. Als daar niet snel verandering in zou komen dan voorzag Peper een zeer sterke ouderenpartij die de belangen van de grijsaards wel eens spijkerhard zou gaan behartigen. Von der Dunk fileerde Peper vervolgens onder meer door te wijzen op de luxeregelingen en materiele weelde waarin de babyboomers wentelen afgezet tegen het fragiele toekomstperspectief en het onzekere flexwerken waar zij de jeugd op hebben getrakteerd. De vrijwel volledige afwezigheid van een dergelijk spanningsveld maakt de film iets te veel tot een misplaatste ode aan de naoorlogse generatie.
De vraag dringt zich op waarom dan deze film dit jaar is bekroond met een Oscar voor de beste buitenlandse film (waarmee De Tweeling werd verslagen). Het zou wel erg vilein van mij zijn om de academy ervan te verdenken ook met babyboomers gevuld te zijn die als Amerikanen verkneukelend kijken naar de speldeprikjes die de film uitdeelt aan logge bureaucratieën, achterhaalde (socialistisch geënte) ideologieën en de verwijzing naar de WTC-ramp als het begin van barbaarse invasies. Een verwijzing overigens die niet verder wordt uitgewerkt of toegelicht. Behalve de verwijzing naar de terreuraanslagen van 11 september wordt er niets als barbaars neergezet. Rémy relativeert zelfs de doden die grote oorlogen van de 20e eeuw hebben opgeleverd met een verwijzing naar het massale slachten in de zestiende eeuw door de Spanjaarden en Portugezen van 150 miljoen Indianen in Latijns-Amerika. Het met lucide gesprekken, goede wijn en heroine doordrenkte sterfbed van de hoofdpersoon kan juist worden gezien als beschaafde gang naar de dood culminerend in een vredige zelfverkozen euthanasie. In dat licht heeft Amerika niet veel gevaar van buitenaf duchten. Getuige bijvoorbeeld de juridische strijd die Jeb Bush levert om een man euthanasie op zijn vrouw die al 14 in coma ligt te ontzeggen, zijn de barbaren daar al lang binnen en zitten ze stevig in het zadel.
Maar ondanks de gesignaleerde mankementen is de Oscar niet volslagen onbegrijpelijk. De film verveelt niet, geeft voldoende stof tot nadenken en het acteerspel is gedegen tot goed (als u tenminste niet te veel in verwarring raakt door de gelijkenis van de hoofdpersoon met de Nederlandse komiek Hans Liberg, met name een heroïne rokende lolbroek kan fnuikend zijn voor de juiste filmstemming). En ondanks de quasi grappige cynische ondertoon die in mij bepaalde anti-babyboomgevoelens opwekte, zit het hart van de film toch op de juiste plaats. Rémy's relativering van de massamoorden in de twintigste eeuw wordt aan het slot van de film op zijn beurt gerelativeerd door een blik op de boekenkast van de zojuist overleden man. Met serene muziek zien we de kaften van boeken van Primo Levi, Solzhenitsyn, E.M. Cioran en Samuel Pepys langsglijden.
De Grieken hebben gewonnen en Nederland lijkt al te hebben berust in de uitschakeling. Maar moeten we niet na al de doorgemaakte emoties terugblikken en nagaan welke richtingen de oranje storm ons heeft opgeblazen? Nu doorgaan met leven zonder tenminste een poging te wagen lering te trekken uit hetgeen is gebeurd, ja dat zou strijdig zijn met alles wat de toonaangevende Oprahiaanse psychoanalyse dicteert. Een aanzet hiertoe aan de hand van voorbeelden van hoe we niet met elkaar om moeten gaan.
Voorbeeld 1. Totti spuugt zijn Deense tegenstander vol in het gelaat tijdens EK 2004. Als trainer van het Nederlands elftal wissel je niet de enige gevaarlijke aanvaller voor een verdedigend ingestelde bankzitter bij een tweederangs Engels kluppie om nog een half uur een marge van een doelpunt proberen te behouden.
Voorbeeld 2. Sevilla speler Fransisco Gallardo bijt zijn medespeler in het geslacht om een doelpunt te vieren. Als het hele Nederlandse volk bovengenoemde wissel al direct veroordeelt en de bondscoach erkent een fout te hebben gemaakt, dan dient de sportpers zich niet achteraf integraal als een stel hongerige wolven op het incident te werpen. Leider van deze roedel was Hugo Borst die het nodig vond om allerlei anonieme sms-bedreigingen aan het adres van Advocaat te publiceren. Bert Maalderink die Arjen Robben met de intro 'ik wil je geen woorden in de mond leggen maar...' direkt daaropvolgend probeerde woorden in de mond te leggen, was een goede tweede. Alles mag gezegd en geschreven, maar over elkaar heen buitelen om mee te surfen op de meest primaire volksgevoelens heeft met sportjournalistiek niets te maken.
Voorbeeld 3. Vinnie 'Snatch' Jones grijpt in de balzak van Paul 'Gazza' Gascoine. Als je een ironische opmerking hebt gemaakt over de hetze tegen de bondscoach en deze wordt (door toedoen van verknippen door NOS?) door veel mensen verkeerd opgevat, lees dan eerst goed of de premier jou ook daadwerkelijk aanspreekt voordat je een verontschuldiging eist op de voorpagina van een grote landelijke krant. Het is namelijk nogal genant als je als zogenaamd viriele sportmacho in de hoek wordt gezet door 's lands gereformeerde voorman. "Voor iemand die zo subtiel de eigen woorden weet uit te leggen, luistert u opvallend onzorgvuldig en een tikje gemakzuchtig naar de woorden van anderen." Dus JP de MP is toch humoristisch en stoer?
Voorbeeld 4. Rugbyer John Hopoates stak zijn vinger in een wedstrijd tot driemaal toe in de achtersten van tegenstanders Als premier van een land dien je je (o, sorry 'dient u zich') niet te laten verleiden om ijdele columnisten van repliek te dienen. Hoe graag u ook het normen en waardendebat wilt concretiseren en hoezeer uw beker der gramschap ook is gevuld door pesterijen uit het verleden. Straks meent iedere columnist in een in zijn ogen belangrijke zaak recht op antwoord te hebben. Dit pad ingeslagen is een rechtstreekse route richting een premiersweblog waar iedere reagerende trol op aandacht aanspraak kan maken. En wie regeert het land nog als iedereen aan het columneren slaat?
Voorbeeld 5. Rijkaard befluimde in 1990 de huidige Duitse coach. Is er dan niets positiefs voor Nederland te melden over het voorbije EK? Jawel hoor. Het elftal heeft als team gefunctioneerd en er zijn eens geen onderlinge relletjes geweest (alhoewel Kluivert's memoires moeten uitwijzen of het gemaakte mediatraining was of oprecht meeleven dat hem zo positief deed bankzitten). Tevens heeft het behalen van de halve finale met matig voetbal de Feyenoord-school weer eventjes als alternatief gepresenteerd. Ik pleit overigens niet voor het verlaten van onze aanvallende voetbalmentaliteit, maar een lesje in realisme is geleerd: sprankelend voetbal en het behalen van resultaat zijn meestal niet op dezelfde medaille gehuisvest.
We zagen vedettes falen, maar ook nieuwe helden opstaan. Rooney was een revelatie, Robben dartelde over het veld en verloste Nederland samen met Heitinga van een trauma (gaat toch wat lekkerder op vakantie nu) en Baros en Nedved leidden het sterkste team op bewonderenswaardige wijze. Waar de vedettes faalden op het veld en de jongeren toonden klaar te zijn voor de opvolging, leek zich ook in de sportjournalistiek een aanstaande wisseling van de wacht af te tekenen. Mulder haalde nog wel met een ruime voldoende de eindstreep, maar het lijkt me niet ondenkbaar dat de tik van Balkenende een voorteken is. Misschien gaat Jan zich straks in debat met politici toch wat gedegener voorbereiden en zich niet meer zo vaak van vrijblijvend geblaf bedienen. Het Nederlands elftal kan straks waarschijnlijk putten uit enkele machtige middenvelders en ziet haar spetterende spitsen verdwijnen. Zou de sportjournalistiek gelijke tred houden en straks een soort van Koemaniaanse transformatie doormaken? Niet meer iedere avond de hemel bestormen en het publiek ophitsen, maar een duidelijke eigen lijn volgen en in staat tot introspectie.
Het beste sportprogramma tijdens het EK: Z@ppsport met Barbara Barend. Van Hooydonk vertelde over zijn droom waarin hij de beslissende vrije trap scoorde en Davids zette zelfs zijn bril af. De wedstrijdanalyses met de kinderen van Koeman toonden aan hoeveel voetbalkennis dit kleine landje onder J.C. heeft opgebouwd. Zoveel kennis dat het wel heel raar moet lopen als we in 2006 niet tenminste de finale van het WK halen.
In the summer of 2002, after I had written an article in Esquire that the White House didn't like about Bush's former communications director, Karen Hughes, I had a meeting with a senior adviser to Bush. He expressed the White House's displeasure, and then he told me something that at the time I didn't fully comprehend -- but which I now believe gets to the very heart of the Bush presidency. The aide said that guys like me were ''in what we call the reality-based community,'' which he defined as people who ''believe that solutions emerge from your judicious study of discernible reality.'' I nodded and murmured something about enlightenment principles and empiricism. He cut me off. ''That's not the way the world really works anymore,'' he continued. ''We're an empire now, and when we act, we create our own reality. And while you're studying that reality -- judiciously, as you will -- we'll act again, creating other new realities, which you can study too, and that's how things will sort out. We're history's actors . . . and you, all of you, will be left to just study what we do.'' Ron Suskind, Without a Doubt in New York Times Magazine. archief
Dubbeloppotsen
In het kader van aan een vijandige overname grenzende grootscheepse contentsyndicatie verschenen de berichten vanaf juni 2003 eerder op Sargasso. De versies alhier zijn vrijwel ongewijzigd tov de premiere (daargelaten een enkele tijdsaanpassing oid).